Er zijn 3 gradaties van een spierblessure:
Graad 1: Er is sprake van een forse overrekking met misschien enkele gescheurde of gekneusde spiervezels. De pijn is vaak goed te lokaliseren. Vaak is er ook sprake van een lichte stijfheid. Bij hernieuwde (rustige) activiteit kan het zijn dat de klachten aanvankelijk afnemen. Na het sporten nemen de klachten echter vaak weer toe, en zijn dan zelfs heviger dan voorheen.
Graad 2: Er is duidelijk sprake van gescheurd spierweefsel. De pijnlijke plek beslaat vaak een groter gebied, terwijl er soms (direct of na een paar dagen) ook een bloeduitstorting is te zien. Vaak "trekt" de persoon ook met het geblesseerde been. In een aantal gevallen is er ook een soort van kuil aanwezig op de plek van de beschadiging.
Graad 3: Er is sprake van een volledige gescheurde spier. Operatief ingrijpen is hier noodzakelijk. Gelukkig komt deze situatie zelden voor. Hierbij is aanspannen van de spier en het bewegen van het gewricht dat bij de spier hoort ook onmogelijk.
Pijn of gevoelsveranderingen in de bovenbeenregio kan ook een uitstralingsprobleem vanuit bijvoorbeeld rug-, heup-, of bekkenregio zijn. Het stellen van de juiste diagnose is belangrijk om de klachten accuraat te behandelen, maar ook om chronische of herhaaldelijke problemen te voorkomen. Een diagnose stellen is het verzamelen van informatie over de oorzaak, verloop, type van pijn en het beoordelen van rug-, bekken-, heup-, knie-, en bovenbeenfunctie.
1. Hamstringblessures
Hamstringblessures kunnen acuut of chronisch/terugkerend van aard zijn. Een acute blessure is herkenbaar door een plotselinge en duidelijke pijn tijdens een bepaalde activiteit. In de chronische vorm komt de pijn meestal minder vaak door en is dan al een tijd aanwezig.
Acute hamstringletsels treden vaak op bij sporters bij een plotselinge krachttoename of een plotselinge versnelling, zoals bij sprinters, hordelopers en verspringers. Ze komen ook voor bij sporten waarbij er veel wordt gesprint, zoals voetbal en hockey.
Oorzaak van een hamstringblessure:
- Voorgeschiedenis van een blessure: oude hamstring-, lies-, en knieblessures verhogen het risico op een hamstringblessure.
- Leeftijd: oudere sporters hebben een hoger risico op hamstringblessures.
- Flexibiliteit: onderzoeken laten zien dat er een relatie is met verminderde soepelheid en spierstijfheid aan het begin van een seizoen en het oplopen van een hamstring letsel tijdens dat seizoen.
- Kracht: zwakke hamstrings of/en een hamstring/quadriceps verhouding van minder dan 50% zijn een indicatie voor toekomstig hamstringletsel.
- Verhoogde zenuw irritatie verhoogt het risico.
- Lage rug- en bekkenstabiliteit: goede stabiliteit en functioneren van de lage rug en bekken is belangrijk voor de effectieve werking van de hamstrings.
- Er zijn aanwijzingen dat een goede warming up de kans op spierblessures vermindert.
- Moeheid: moeheid in spieren verhoogt het risico op blessures.
- Laag fitnessniveau of onvoldoende sportspecifieke voorbereiding.
- Kou en vochtige omstandigheden: bijvoorbeeld hardlopen in een korte broek als het vriest. De doorbloeding van de spieren is daarmee toch niet optimaal, de spier is onvoldoende warm. Bescherm de spier en doe een trainingsbroek aan.
- Verkeerd trainingsprogramma: bijvoorbeeld te veel aandacht aan aerobic training en niet genoeg aandacht aan hoge intensiteit van hardlopen en versnelling, maar ook plotselinge verhoging van training.
Wat kunt u er zelf aan doen?
Blessurepreventie is erg belangrijk. Bij alle blessures is het beter om de problemen te voorkomen dan te genezen.
- Regelmatige rekoefeningen.
- Krachtprogramma om evenwicht te bereiken tussen de spieren aan de voorkant en de achterkant van de bovenbeen.
- Draag een thermal broek of trainingsbroek bij erg oude of natte omstandigheden.
- Combinatie programma's. Er zijn een aantal programma's ontwikkeld die effectief zijn voor het verminderen of voorkomen van hamstringblessures. Uw (sport-) fysiotherapeut(e) kan u erover adviseren.
Hamstringspier blessure behandeling:
Bij een mild acuut letsel is het belangrijk om rust te nemen en de eerste hulp bij sport ongevallen te volgen: RICE (=rust, ijs, compressie en elevatie).
R: De geblesseerde spier laten rusten..
I: IJs/Koelen 10 tot 20 minuten, 3 tot 4 keer per dag tijdens de eerste dag of twee kan helpen om de pijn te verminderen. Om te zorgen dat er geen bevriezing van de huid optreedt, legt u een doek tussen het ‘coldpack’ en de huid.
C: Compressie/drukverband om zwelling te verminderen.
E: Elevatie/Hoog leggen van blessure om zwelling te voorkomen.
Na de eerste 1 tot 2 dagen is het belangrijk om rustig te blijven bewegen en explosieve bewegingen te vermijden. In het algemeen gaan lichte kneuzingen of rekblessures snel over. Met een lichte verrekking zou een sporter opnieuw kunnen gaan sporten na 12 tot 18 dagen.
Hevige pijn en zwelling na een hamstringblessure zijn tekenen van een grote blessure, uw spier is gedeeltelijk (Graad 2) of volledig gescheurd (Graad 3).
Bij een Graad 2 blessure is het, na het toepassen van RICE (zie boven), aan te raden om deskundige hulp te zoeken bij een arts en/of sport fysiotherapeut(e). Het opbouwen van belasting is langzamer en voorzichtiger dan bij een Graad 1 blessure. De herstelperiode is langer en als er sprake is van hamstringspierkrachtsverlies duurt het ongeveer 6 tot 8 weken. In ongunstigere gevallen kan de herstelperiode 12 weken duren.
Een Graad 3 blessure is een volledige (af)scheuring van de spier. Medische hulp is absoluut meteen noodzakelijk en behandeling zal bestaan uit een operatieve ingreep. Gebruik RICE en krukken.
Wat kunnen de fysiotherapeut(e) en sportfysiotherapeut(e) er aan doen?
Het is belangrijk dat een gescheurde spier optimaal behandeld wordt om problemen in de toekomst te voorkomen. Bij hamstringblessures is er een risico op het krijgen van chronische herhalende klachten. Daarom is het belangrijk om goede begeleiding te hebben tijdens de herstelperiode. Een uitgebreid oefenprogramma is erg belangrijk om de belasting weer op te bouwen.
U fysiotherapeut(e) zal u begeleiden bij het opbouwen van uw oefeningen tijdens de verschillende fases van herstel. De aandacht is voornamelijk gericht op de belasting/belastbaarheid van de hamstringspier. Uw fysiotherapeut(e) zal u ook adviseren tijdens deze tijd over geschikte sportactiviteiten om zo fit mogelijk te blijven. Naast oefeningen, zal uw fysiotherapeut(e) uw risico factoren beoordelen. Bij sommige chronische hamstringklachten zijn er onderliggende rugklachten. Uw fysiotherapeut(e) zal uw rug beoordelen indien nodig. Uw fysiotherapeut(e) zal u ook adviseren wanneer weer te beginnen met sporten nadat uw hamstring genoeg is hersteld en kan u begeleiden met de opbouw tot sporthervatting op het nivo van voor de blessure. Het te snel hervatten met sporten is een algemene factor die tot chronische hamstringpijn en blessures kan leiden.
U kunt weer beginnen met sporten indien:
- Er geen pijn meer is tijdens belasting.
- De spier weer zijn oorspronkelijke lengte heeft.
- De kracht en het krachtuithoudingsvermogen van de spier weer (bijna) getraind zijn.
2. Bovenbeenspier (quadriceps) blessures: Bovenbeenspierkneuzing:
Er zijn een paar verschillen bovenbeenspierblessuren, maar één van de meeste voorkomende is een bovenbeenspierkneuzing. Een bovenbeenspierkneuzing kan ontstaan na een botsing langs de voorzijde van het bovenbeen. Het is een vaak voorkomend probleem bij voetbal. Daarna heeft een speler vaak pijn bij knieflexie, pijn en zwelling. Hierbij is er sprake van een trauma van de spiervezels, bindweefsel en bloedvaten.
De behandeling en duur van deze blessure is afhankelijk van hoe hevig de symptomen waren aan het begin en de beperking in knieflexie na 24 uur. De periode voordat men weer kan gaan sporten kan variëren tussen 2 dagen tot 12 weken afhankelijk van de graad van de blessure en de behandeling na de blessure. Een sporter kan weer gaan sporten indien hij/zij 120 graden knieflexie (buigen) heeft en er geen bovenbeenspier zwakheid of atrofie meer aanwezig is.
Milde kneuzing:
- Kan doorgaan met activiteiten.
- Gevoelig na warm-down en de volgende morgen.
- Bij knieflexie (buigen) lichte beperking van 5 -20%.
- Pijn bij drukken op de spier.
- Minimaal verlies van kracht.
- Minimale zwelling.
Gematigde kneuzing:
- Kan doorgaan met activiteit, maar de bovenbeen wordt stijver bij rust.
- Knieflexie (buigen) beperkt 20-50%.
- Pijn bij aanspannen van bovenbeenspier en activiteiten.
- Pijn bij drukken op de spier.
- Mank lopen.
Ernstige kneuzing:
- Zwelling en onderhuidse bloeding begint meteen.
- Knieflexie (buigen) grote beperking van meer dan 50%.
- Moeilijk om te lopen en lichaamsgewicht op been te plaatsen.
- Erge pijn langs de spier, wordt erger bij aanspannen van bovenbeenspier.
- Gevoeligheid over een grote deel van de spier.
- Krachtsverlies.
- Verwacht 3 tot 12 weken voordat men weer kan gaan sporten.
Een gescheurde bovenbeenspier kan ontstaan als de klap erg hard aankomt op een aangespannen spier. Ook kan een plotselinge grote belasting van een spier leiden tot een spierscheur als de belasting groter is dan de belastbaarheid. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als er afgezet wordt om nog net even een verre bal terug te slaan of voor een hoge sprong. Maar ook minder extreme krachten op een daar niet op voorbereide spier kunnen een scheur doen ontstaan. Een gescheurde bovenbeenspier gebeurt vaak bij voetbal, basketbal en hockey.
Hevige pijn, blauwe plek en zwelling na een blessure zijn tekenen van een grote blessure, uw spier is gedeeltelijk (Graad 2) of volledig gescheurd (Graad 3).
Wat kunt u er zelf aan doen?
Meteen stoppen met spelen en maak de eerste 24 tot 48 uur gebruik van het RICE protocol:
R: De geblesseerde spier laten rusten.
I: IJs/Koelen 10 tot 20 minuten, 3 tot 4 keer per dag tijdens de eerste dag of twee kan helpen om de pijn te verminderen. Om te zorgen dat er geen bevriezing van de huid optreedt, legt u een doek tussen het ‘coldpack’ en de huid.
C: Compressie/drukverband om zwelling te verminderen.
E: Elevatie/Hoog leggen van blessure om zwelling te voorkomen.
Bij acute behandeling van een gekneusde bovenbeenspier plaatst men ijs in een houding van maximale pijnvrije knieflexie (buigen) met de heup ook in een gebogen (flexie) houding.
Geen massage: Laat een verse spierscheur of gekneusde spier nooit masseren en gebruik geen warmte (of warmte-inbrengende zalven). Dit verergert de blessure alleen maar. Pas na 2 of 3 dagen kunnen eventueel 'schuddingen' of een voorzichtige massage rondom de gescheurde plek worden toegepast.
Bij ernstige kneuzing of Graad 3 gescheurde spier moet meteen medische hulp worden gezocht. Bij gematigde kneuzing of Graad 2 gescheurde spier is het altijd aan te raden om deskundige hulp te zoeken bij een arts en/of sport fysiotherapeut(e). Dit geldt ook voor een milde kneuzing of Graad 1 gescheurde spier die niet vanzelf overgaat.
Wat kunnen de fysiotherapeut(e) en sportfysiotherapeut(e) er aan doen?
Voor een bovenbeenspierkneuzing zal uw fysiotherapeut(e) u behandelen en begeleiden volgens de onderstaande fases in uw behandeling. Progressie van een fase naar de volgende fase is afhankelijk van de blessure en snelheid van herstel.
Fase 1: Vermindering van bloeding.
Fase 2: Opbouwen van pijnvrije mobiliteit en regelmatig rekken, afwisselen met het aanspannen van de spier is zinvol.
Fase 3: Functionele revalidatie. Na enkele dagen is rustig fietsen en wandelen vaak weer mogelijk. Zwemmen kan ook helpen om via een gerichte, opgebouwde belasting van de bovenbeenspieren de spieren weer actief te kunnen gebruiken
Fase 4: Langzaam terug gaan aan het sporten. De pijn en stijfheid moeten vrijwel weg zijn voor je weer voluit kunt sporten.
De behandeling van een gescheurde bovenbeenspier verloopt zoals bij de gekneusde bovenbeenspier, maar afhankelijk van de blessure is de vooruitgang door de fases soms langzamer. Uw gespecialiseerde fysiotherapeut(e) zal u:
- Voorlichting geven.
- Door de fases heen begeleiden.
- In de mate van belasting van krachtoefeningen adviseren.
- Oefeningen geven om de bovenbeenspiermobiliteit functioneel op te bouwen.
- Doelmatig voorbereiden om terug te gaan trainen en daarna te gaan sporten.
U kunt weer beginnen met sporten indien:
- Er geen pijn meer is tijdens belasting.
- De spier weer zijn oorspronkelijke lengte heeft.
- De kracht en het krachtuithoudingsvermogen van de spier weer (bijna) getraind zijn.